Nieuws

Vrijdag 12 november heeft het ministerie van VWS een brief gepubliceerd, waarin wordt aangekondigd dat zorgverleners voor een boosterprik in aanmerking komen.

 

Het Paramedisch Platform heeft na overleg met VWS begrepen dat dit in eerste instantie ziekenhuismedewerkers, huisartsen en medewerkers van zorginstellingen betreft. Bij dat overleg heeft het PPN er sterk op aangedrongen dat ook paramedici snel in aanmerking moeten kunnen komen voor een boosterprik.

 

Het ministerie van VWS heeft dat advies overgenomen en kondigt in de brief aan dat alle zorgmedewerkers van 18 jaar en ouder in aanmerking komen voor een boostervaccinatie. De vaccinatie is eerst beschikbaar voor zorgmedewerkers in ziekenhuizen en de acute zorg. Zorgmedewerkers met patiënten- en cliëntencontact - paramedici - komen daarna in aanmerking voor de boosterprik.

Samen sterk in de regio biedt enorme voordelen voor zowel zorgverleners als zorgvragers. Maar samen sterk ben je niet vanzelf. De organisatie van paramedische beroepen in de regio versterken betekent ‘bewegen’, samen werken. Bewegen en samenwerken zijn werkwoorden.

 

Verbinden om te versterken

Het begint altijd met elkaar (her)kennen om vervolgens samen een gemeenschappelijk beeld over belang van samenwerken te ontwikkelen. Daaruit volgt dan een gezamenlijke ambitie die door samen te werken ook echt samen ‘gevoeld’ wordt. Verbinden om te versterken.

 

Stevige impuls

Het programma ‘Organisatiegraad Paramedische Zorg’ is erop gericht om de verbinding en de versterking van de organisatie van paramedici in de regio een stevige impuls te geven. Om jou en jouw collega’s paramedische professionals, te faciliteren en te ondersteunen.

 

Dialoogsessies starten

Vanuit dit programma wordt gestart met twee dialoogsessies binnen vier zorgvuldig geselecteerde pilotregio’s. De eerste dialoogsessie start op 14 oktober in pilotregio Leiden en Bollenstreek.

 

In de eerste dialoogsessie is het doel: een gemeenschappelijk beeld over het belang van samenwerken en gezamenlijke ambitie verkrijgen. Voor de dialoogsessie zijn paramedici in de pilotregio (regio’s Groningen, Noordoost-Noord-Brabant, Leiden en Bollenstreek, en Twente) geselecteerd en uitgenodigd. In de tweede sessie zetten we in op het gemeenschappelijk beeld over belang van samenwerken en bijdrage van stakeholders aan ambitie

 

Uitnodiging

Ben je nog niet uitgenodigd, maar wel actief in de paramedie binnen een van de vier pilotregio’s? Dan ben je natuurlijk ook van harte welkom om deel te nemen. We hebben jouw inzet nodig. Aanmelden kan via info@organisatiegraad.nl.

Om tot de beste zorg te komen, hebben zorgverlener en patiënt elkaar nodig. Want door samen te beslissen zijn mensen meer tevreden over de zorg en ondersteuning en houden zij zich beter aan de afspraken die zij met hun zorgverlener maken. Maar helaas is Samen Beslissen in de zorg op dit moment nog te weinig ‘samen’. Om daar verandering in te brengen, gaat vandaag de nationale campagne Samen Beslissen van start. De campagne loopt 16 maanden en is de grootste campagne over Samen Beslissen ooit, gelanceerd vanuit patiëntenorganisaties en brancheorganisaties uit de medisch-specialistische zorg, de huisartsenzorg, de paramedische zorg en de wijkverpleging.

 

Samen Beslissen gaat over het gezamenlijke beslissingsproces tussen zorgverlener en patiënt of cliënt. Dat is een belangrijk proces, want om tot de beste zorg te komen, hebben zij elkaar nodig. “Als patiënten actief betrokken zijn bij hun behandelplan leidt dat tot meer tevredenheid over de genomen beslissing, meer therapietrouw, minder overbehandeling en mogelijk zelfs minder zorgkosten”, aldus Dirk Ubbink, hoogleraar Shared Decision-Making en expert in het onderwerp. “Het is eigenlijk heel logisch. Over veel grote beslissingen denk je goed na. Bijvoorbeeld over de school van je kinderen of het kopen van een huis. Dat moeten we in de zorg ook doen. Welke zorg je krijgt en wanneer kan een enorme impact op je leven hebben. Waarom zouden we deze beslissingen helemaal aan een ander overlaten?”

 

Ondanks dat veel zorgverleners al proberen hun patiënten te betrekken is er nog genoeg te doen. Sommige zorgverleners denken bijvoorbeeld dat het bespreken van keuzemogelijkheden te ingewikkeld is voor hun patiënten of cliënten. En patiënten bereiden zich nog te vaak niet goed voor op een gesprek. Dit alles kan ervoor zorgen dat mensen zorg krijgen waar ze niet bewust voor hebben gekozen, of zelfs helemaal niet achter staan. Dirk Ubbink: ”De zorgprofessional is natuurlijk de medische expert, maar de patiënt is ervaringsdeskundige die het beste kan aangeven wat hij of zij belangrijk en passend vindt in zijn of haar situatie.”

 

Een goed gesprek begint met een goede voorbereiding

Een goed gesprek tussen zorgverlener en patiënt is een open en persoonlijk gesprek waarin besproken wordt wat écht belangrijk is voor een patiënt. Maar dat is niet gemakkelijk. Mensen hebben moeite met het onder woorden brengen van wensen. En soms zit het gevoel in de weg dat ze de zorgverlener niet goed genoeg kennen. Dat blijkt ook uit onderzoek (2020) van Kantar Public in opdracht van het ministerie van VWS over Samen Beslissen. Minstens een kwart van alle patiënten vindt Samen Beslissen dan ook lastig. Vaak zijn dit mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden. “Het is lastig voor ze omdat ze niet gewend zijn hun wensen uit te spreken. Of omdat ze simpelweg geloven dat hun eigen mening niet relevant genoeg is”, zegt Dianda Veldman, directeur-bestuurder van Patiëntenfederatie Nederland en partner van de campagne. “Na afloop van zo’n gesprek twijfelt vier op de tien of ze wel genoeg of de juiste vragen hebben gesteld. In de voorbereiding ligt een belangrijk deel van de oplossing. Als je van tevoren al duidelijk weet wat je wel en niet wilt of als je alvast al je vragen opschrijft, is de kans veel groter dat je tevreden en goed geïnformeerd de spreekkamer uit loopt”, zegt Veldman. Om mensen te helpen bij het gesprek met een zorgverlener geeft de campagne Samen Beslissen tips en hulpmiddelen bij de voorbereiding van een gesprek met een zorgverlener, maar biedt het ook handvatten voor tijdens en na het gesprek.

 

Zorgverleners overschatten de mate waarin zij samen beslissen

Ook zorgverleners kunnen meer doen. Zij overschatten op hun beurt de mate waarin zij Samen Beslissen. Dit valt op te maken uit het Samen Beslissen-onderzoek van Kantar Public. Zo maken 7 op de 10 zorgverleners een voorselectie van de behandelmogelijkheden. Als dit gebeurt vóórdat de voorkeuren van de patiënt uitgevraagd zijn, is er geen sprake van Samen Beslissen. Want ook de situatie en wensen van de patiënt moeten worden meegenomen. Het onderzoek bevestigt dat zorgverleners Samen Beslissen rooskleuriger inschatten dan patiënten en cliënten het ervaren: 46 procent van de zorgverleners zegt dat zij met de patiënt samen de beslissing nemen. 37 procent van de patiënten ervaart dit ook zo. Ruim tweederde van de zorgverleners kan zich nog verbeteren in het Samen-Beslisgedrag, concludeert Kantar Public. En daarom richt de campagne zich ook op zorgverleners. Met sectorspecifieke tips, flyers, posters en andere hulpmiddelen voor alle zorgsectoren kunnen ook zij zich toegankelijker opstellen naar de patiënt. “Als we naast patiënten ook zorgverleners bewust maken van het belang van Samen Beslissen, dan ben ik ervan overtuigd dat we samen de zorg verder kunnen verbeteren”, concludeert Dirk Ubbink.

 

Over de campagne Samen Beslissen

De campagne Samen Beslissen is een initiatief van het programma Uitkomstgerichte Zorg. Dit programma zet zich binnen de medisch-specialistische zorg in voor meer inzicht in zorguitkomsten en voor meer Samen Beslissen. Naast de medisch-specialistische zorg richt de campagne zich op drie andere sectoren. Ook binnen de huisartsenzorg, paramedische zorg en wijkverpleging wordt ingezet op Samen Beslissen. Via de campagne spreken deze vier sectoren de komende anderhalf jaar dezelfde taal als het om Samen Beslissen gaat. Een mooi signaal naar patiënten en cliënten. Samen Beslissen is overal belangrijk. Of je nou naar de huisarts, het ziekenhuis, een paramedische zorgverlener gaat of thuis zorg ontvangt.

In de Samen Beslissen-campagne figureren echte patiënten en echte zorgverleners. De campagne is te zien en te horen op radio en TV, in printadvertenties, online, op sociale media en buitenreclame. Daarnaast ook in een veelvoud aan vakmedia voor zorgverleners en op tal van plekken waar zorg en ondersteuning plaatsvindt. Zoals ziekenhuizen, huisartsenpraktijken en behandelcentra.

 

Op de website www.begineengoedgesprek.nl vinden patiënten en zorgverleners meer informatie, tips en andere hulpmiddelen over hoe samen te beslissen. Fotograaf des vaderlands (2016) Robin de Puy is verantwoordelijk voor de beelden van de campagne, onder andere strategie en creatie is in handen van reclamebureau KesselsKramer. 

 

Campagnepartners

  • Federatie Medisch Specialisten
  • InEen
  • Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie
  • Landelijke Huisartsen Vereniging
  • Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport
  • Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra
  • Nederlandse Huisartsen Genootschap
  • Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen
  • Paramedisch Platform Nederland
  • Patiëntenfederatie Nederland
  • Pharos
  • Stichting Keurmerk Fysiotherapie
  • Verpleegkundigen & Verzorgenden Nederland
  • Zelfstandige Klinieken Nederland
  • Zorgverzekeraars Nederland

 

Bronnen

In het kader van het programma organisatiegraad Paramedische Zorg zijn 4 pilots op het gebied van regionale samenwerking gestart. Het programma beoogt bij te dragen aan een sterke organisatie van paramedici in de regio. Dit is nodig om de zorg structureel anders te organiseren: gericht op preventie en het leveren van zorg in de omgeving van de patiënt. Paramedici zijn bij uitstek de professionals die hieraan kunnen bijdragen. Het programma helpt actief om meer paramedische netwerken op te richten, en om bestaande netwerken effectiever te maken.

 

We gaan beginnen!

Deze zomer start het programma met het bieden van ondersteuning aan vier pilotregio’s.  De pilots worden uitgevoerd door BeBright, een strategie- en innovatiebureau gespecialiseerd in gezondheid, zorg en regionale ontwikkeling. Zij werken hierbij nauw samen met de paramedische beroepsorganisaties. Het ROS netwerk zal tijdens de pilot bij de 4 regio’s starten met strategische advisering en praktische oprichtingsondersteuning. Op basis van de ervaringen die in deze pilots worden opgedaan, zal het programma een veelvoud van regio’s gaan ondersteunen in het opzetten en professionaliseren van een regionaal paramedisch netwerk.

 

Een vliegende start

Voor elk van de vier pilotregio’s wordt een regiobeeld ontwikkeld met daarin relevante algemene en (paramedische) zorggerelateerde gegevens. Ook worden bestaande netwerken in de pilotregio in kaart gebracht. Deze netwerken, andere geïnteresseerde paramedici en regionale stakeholders gaan in twee sessies aan de slag om het doel voor versterken van paramedische zorg in de regio te bepalen en de route hier naartoe. Dit plan vormt de start van een intensief ondersteuningstraject voor de paramedische netwerken (in oprichting).

 

Welke pilotregio’s doen mee?

Als pilotregio zijn de regio’s Groningen, Noordoost-Noord-Brabant, Leiden en Bollenstreek, en Twente geselecteerd.  Hierbij is bewust gekozen voor een verdeling in stedelijke en landelijke gebieden en een verdeling in regio’s waar de paramedische zorg meer en minder georganiseerd is. Ook is er rekening gehouden met geografische spreiding en bestaande interesse van de regio’s.

 

Samen sterk in de regio!

Wij hopen dit najaar meer te kunnen melden over de ervaringen en resultaten van deze pilots. Mochten er in de tussentijd al vragen zijn, dan kunt u terecht op onze website www.organisatiegraad.nl of u kunt een bericht sturen naar info@organisatiegraad.nl

Op 1 april 2021 is het programma ‘Organisatiegraad paramedische Zorg’ van start gegaan. In het Bestuurlijk Akkoord Paramedische Zorg 2019-2022 hebben partijen afgesproken om de organisatiegraad van de paramedische zorg te verhogen en daarmee bij te dragen aan de Juiste Zorg op de Juiste Plek.

 

Zowel vanuit het ministerie van VWS als in de regio is de urgentie uitgesproken aan meer aandacht voor en samenwerking met paramedici. De uitdagingen van dit moment vragen daarom (o.a. toenemende vergrijzing, meer aandacht voor preventie, betaalbaarheid van de zorg).

 

Om in de regio effectieve afspraken te kunnen maken over het leveren van de Juiste Zorg op de Juiste Plek, is het wenselijk dat paramedici georganiseerd zijn en gezamenlijk een visie op de (paramedische) zorg in de regio kunnen vormen. Dat begint bij het elkaar leren kennen en van elkaar weten wat de ander doet. Uiteindelijk leidt dit tot betere zorg voor de patiënt. Dit gaat echter niet vanzelf!

 

Samenwerken in de regio levert veel voordelen op:

  • Door een gemandateerde afvaardiging samen te stellen van de diverse paramedische beroepsgroepen in de regio, worden paramedici zichtbaar en een serieuze gesprekspartner in het regionale overleg met andere zorgverleners en zorgverzekeraars
  • Het kunnen opstellen van een gezamenlijke visie ten aanzien van de (organisatie van) zorg in de regio.
  • Het kunnen maken van afspraken over het zorgaanbod in de regio en de implementatie van de juiste zorg op de juiste plek met zorgverzekeraars, patiëntenvertegenwoordiging en andere aanbieders.
  • Efficiëntie kunnen behalen voor paramedische zorgverleners door regionaal samen te werken bij nascholing, inkoop, zorgtrajecten, ICT etcetera.
  • Kennis en kunde kunnen delen binnen een regionale samenwerking.
  • Ruimte voor innovatie creëren en nieuwe of bestaande initiatieven uitrollen.

 

Met programma ‘Organisatiegraad Paramedische Zorg’ beogen partijen* een stevige impuls te bieden aan het versterken van de organisatie van paramedici in de regio. Het programma helpt actief om meer multidisciplinaire samenwerkingen op te zetten, bestaande paramedische samenwerkingsverbanden effectiever en professioneler te maken en om een duurzame structuur op te zetten die samenwerkingsverbanden blijvend faciliteert.

 

Deze zomer starten we in vier pilotregio’s met het ontwikkelen van ondersteuning bij het opzetten of versterken van een samenwerkingsverband. Dit doen wij niet alleen, maar in samenwerking met vele partijen, waaronder de verschillende ROS’en. Ook komt er een communityplatform waar veel kennis en informatie te vinden valt en waar samenwerkingsverbanden ervaringen kunnen uitwisselen. Vanaf najaar 2021 zal het programma verder worden opgeschaald.

 

De komende tijd zullen wij u regelmatig berichten over de voortgang van het programma, de thema’s die spelen en inspirerende voorbeelden die we in de praktijk tegenkomen. Gedurende het trajectproberen we elk goed initiatief aan te laten haken bij het programma Organisatiegraad. Op deze manier willen we graag samenwerken aan een sterkere paramedische organisatiegraad met meer zichtbaarheid en de slagkracht voor paramedici in de regio. Kortom: Samen sterk in de regio!

 

*Bij dit programma zijn onder andere betrokken: KNGF, SKF, PPN (bestaande uit: NVLF, VvOCM, EN, NVD, NVH, OVN), PFN, ZN, NZa en het ministerie van VWS.

Kwaliteitsstandaarden, waaronder richtlijnen, zijn een belangrijke basis voor een goede kwaliteit van zorg. De paramedische beroepsgroepen diëtetiek, ergotherapie, fysiotherapie huidtherapie, logopedie en oefentherapie zijn in maart van start gegaan met 3 projecten gericht op het gezamenlijk ontwikkelen van richtlijnen.

 

Knelpuntenanalyses
Projectleider van de 3 projecten en beleidsmedewerker bij het Koninklijk Nederlands Genootschap voor Fysiotherapie (KNGF) Hilde Vreeken vertelt dat de beroepsverenigingen in de gezamenlijke knelpuntenanalyses voor kwetsbare ouderen en mensen met dementie, de belangrijkste knelpunten van de betrokken paramedische beroepsgroepen én patiënten in kaart brengen. Om zo goed mogelijk aan te sluiten bij de praktijk raadplegen de beroepsverenigingen patiënten, mantelzorgers, zorgprofessionals en andere stakeholders. Deze inzichten zetten ze uiteindelijk, samen met wetenschappelijke kennis, om in uitgangsvragen. In een vervolgproject worden de uitgangsvragen beantwoord in de richtlijn.

 

Lees het hele artikel op de website van ZonMw

Patiënten die herstellen van COVID-19 en een beroep doen op de herstelzorgregeling, zijn niet verplicht om in het onderzoek dat naar de paramedische herstelzorg gedaan wordt, vragenlijsten in te vullen als zij dat niet kunnen of willen. Wel moeten patiënten ermee instemmen dat hun behandelgegevens, zoals standaard verzameld door hun behandelaar, anoniem worden gebruikt voor het onderzoek.Dat blijkt uit de recent vastgestelde voorwaarden door het Zorginstituut Nederland (ZiN) en het ministerie van VWS. Het onderzoek gaat deze week van start.

 

De herstelzorgregeling is per 17 juli 2020 door het ministerie van VWS in het leven geroepen. Dit maakt het mogelijk om bepaalde noodzakelijke zorg tijdelijk te vergoeden vanuit de basisverzekering. De regeling is gebaseerd op het principe van Voorwaardelijke Toelating. Hierbij geldt dat de effectiviteit van de (tijdelijke) behandeling nog moet worden vastgesteld aan de hand van wetenschappelijk onderzoek. Het onderzoek naar de paramedische herstelzorg bestaat uit twee delen: een retrospectief onderzoek, waarbij patiënten toestemming geven om EPD-gegevens geanonimiseerd te gebruiken voor onderzoek en een prospectief onderzoek, waarbij in dit geval 1300 patiënten en hun behandelaars worden geselecteerd voor aanvullend onderzoek. Patiënten vullen in dat prospectieve onderzoek zelf vragenlijsten in. Indien patiënten niet aan vragenlijsten kunnen of willen deelnemen, bijvoorbeeld omdat ze niet goed kunnen omgaan met mobiele telefoons of apps, laaggeletterd of ernstig vermoeid zijn, hoeven ze niet mee te doen aan dit deel van het onderzoek. Dit is gedaan om eventuele drempels weg te nemen en patiënten binnen de grenzen van de wet maximale keuzevrijheid te bieden.

 

De paramedische beroepsgroepen die betrokken zijn bij herstelzorg, kunnen zich vinden in de criteria die zijn geformuleerd voor het onderzoek. Het onderzoek is belangrijk om de effectiviteit van alle paramedische behandelingen bij COVID-19 aan te tonen, maar ook deze patiëntengroep in de toekomst nog beter te kunnen behandelen.

 

Het tv-programma Radar heeft aangekondigd maandag 8 maart een item over dit onderwerp te maken. Daarbij zal het Zorginstituut ingaan op vragen over de herstelzorgregeling.

Tijdens de schrap- en verbetersessies met paramedici is er geconstateerd dat logopedisten niet geheel tevreden waren met de inrichting van de software ten behoeve van het bijhouden van hun dossier. Zo was deze niet doelmatig en niet aansluitend op de richtlijn van de NVLF. 

 

Hierop volgend zijn softwareleveranciers en de NVLF samen aan de slag gegaan om de administratieve lasten door de software van logopedisten te minimaliseren. Logopedisten en softwareleveranciers (James, Incura en Intramed) zijn samengebracht in een EPD-focusgroep om een goede vertaling te maken van de NVLF-richtlijn naar de EPD-software. Inmiddels is na toetsing door de focusgroep gebleken dat de leveranciers de nodige aanpassingen hebben gedaan. Een succes voor de EPD-focusgroep van de NVLF, die zich nu bezig zal gaan houden met het vervolg om de administratieve lasten te verlagen: de implementatie van de richtlijn taalontwikkelingsstoornis (TOS) in het EPD.

De Nederlandse Vereniging voor Diëtisten vraagt, samen met PPN en andere deskundigen op het gebied van voeding en beweging,  aandacht voor het behoud van een goede voedingstoestand bij ouderen. Dit doen we via een brandbrief en persbericht.

 

Hierin roepen we alle thuiszorgorganisaties, ouderenorganisaties, huisartsen, VWS en zorgverzekeraars dringend op om het belang van de juiste en voldoende voeding bij ouderen hoog op de agenda te zetten. Juist nu. Zodat we onze kwetsbare ouderen niet alleen beschermen tegen Covid-19, maar ook tegen het risico van ondervoeding als gevolg van bijvoorbeeld vereenzaming door thuisisolatie of een (te) eenzijdig voedingspatroon.

 

Verschillende organisaties, waaronder de NVD, hebben hun krachten gebundeld en een simpele online screening ontwikkeld om ondervoeding tijdig te herkennen. Op de website goedgevoedouderworden.nl staan verschillende tests die ouderen zelf kunnen doen. De tests kunnen ook door een mantelzorger of zorgprofessional worden ingevuld. De tests brengen het voedingspatroon en de mate van ondervoeding en bewegen in beeld. Daarnaast staat er op de website ook handige adviezen, leuke recepten en praktische instructies voor zorgverleners.

 

Lees hier de brandbrief en het persbericht.

Premier Rutte heeft gisteren aan ons allen  toegelicht welk scenario de overheid hanteert om het Coronavirus te bestrijden. Er zijn flinke maatregelen getroffen om de verspreiding te vertragen zodat de piek van de besmetting afgevlakt wordt en uitgesmeerd wordt over een langere periode. Om die reden zijn de scholen, restaurants, et cetera gesloten en wordt er gestimuleerd om vanuit thuis te werken (indien dat mogelijk is).

 

Door niet het hele land ‘plat te leggen’ en niet iedereen te isoleren zal een groot deel van de bevolking besmet raken met het virus. Dit moet ook gebeuren om ‘groepsimmuniteit’ op te bouwen. Deze immuniteit zorgt ervoor dat de crisiszorg (waaronder de intensive care) en de huisartsenzorg beschikbaar blijft.

 

Dat houdt in dat we, als zorgprofessionals, de opdracht hebben zorg te blijven bieden. Het advies is terughoudend te zijn met face-to-face consulten. Als dat niet kan moet er direct contact plaatsvinden en moeten alle veiligheidsregels van RIVM in acht worden genomen. PPN is van mening dat de paramedici bij deze zorg maximaal gebruik moeten kunnen maken van triage en behandeling op afstand (telefonisch consult, videoconsult en e-health programma’s). Om dat mogelijk te maken overleggen we met de zorgverzekeraars.

 

Als PPN staan wij in nauw contact met VWS om te komen tot de juiste vertaling van de landelijk genomen maatregelen voor de paramedische zorgsector voor de groep patiënten die wel zorg moeten krijgen. Wij wachten nog op een nadere uitwerking van de adviezen van het Ministerie waarin wordt aangegeven hoe zorgverleners en patiënten met deze adviezen om kunnen gaan.

PPN kaart tevens bij VWS en Zorgverzekeraars de financiële gevolgen voor praktijken aan die veel afzeggingen door deze situatie hebben. Gesprekken zijn hierover gestart.

 

PPN is alle zorgprofessionals in het algemeen en paramedische professionals in het bijzonder zeer dankbaar voor het goede werk wat ze doen in moeilijke omstandigheden. Het werk is belangrijk, omdat we nu samen moeten zorgen dat de huisartsenzorg en de ziekenhuiszorg niet overbelast raakt en iedereen, waar mogelijk, bijdraagt aan de zorg die op dit moment nodig is.

Tien concrete acties om de administratieve lasten van paramedici te verlichten. Dat is het resultaat van schrap- en verbetersessies in de paramedische zorg. Theo van der Bom, voorzitter van Paramedisch Platform Nederland (PPN), overhandigde mede namens de NVD de tien schrap- en verbeterpunten op 4 december 2019 aan minister Bruno Bruins (Medische Zorg en Sport).

 

Resultaten

De tien actiepunten moeten een vermindering in regeldruk opleveren. Zo wordt de informatie over de verwijzing die paramedici in hun dossier moeten vastleggen geminimaliseerd, en zetten zorgverzekeraars in op het verkorten van de termijn voor materiële controles.

 

Theo van der Bom: “Deze schrap- en verbeteragenda vormt de basis voor het effectief verlagen van de regeldruk van paramedici. Wij hebben er zin in om de agenda te gaan waarmaken.”

 

Minister Bruins: “Goed dat PPN hiermee aan de slag is gegaan, samen met onder meer zorgverzekeraars en mijn ministerie. En nu snel van papier naar praktijk. Want hoe meer onnodige regels worden geschrapt, hoe beter. Ook onnodig ingewikkelde regels zijn een last en kunnen vereenvoudigd worden. Zo krijgen paramedici meer tijd voor hun patiënten, en daar is het ons allemaal uiteindelijk om te doen. Ik zie het graag gebeuren!”

 

(Ont)Regel de Zorg

Het (ont)regelen van de paramedische zorg is onderdeel van het actieprogramma (Ont)Regel de Zorg van het ministerie van VWS. Van september tot november 2019 dachten bijna veertig logopedisten, diëtisten, oefen-, huid- en ergotherapeuten en vertegenwoordigers van belanghebbende partijen na over het verminderen van administratieve lasten.

De tien actiepunten worden toegevoegd aan de andere acties voor de paramedische zorg in het actieprogramma (Ont)Regel de Zorg. Kijk voor de voortgang van de acties op www.ordz.nl.

Lees hier het rapport (Ont)Regel de paramedische zorg met de 10 actiepunten. 

 

Op 3 juli is er actie gevoerd door verschillende paramedische disciplines (oefentherapie, logopedie, diëtetiek, fysiotherapie en ergotherapie). Georganiseerd door de Actiegroep Paramedie hebben paramedici aandacht gevraagd voor de positie van de eerstelijns zorgverleners. Het gaat om het duurzaam kunnen leveren van de Juiste Zorg Op de Juiste Plek, paramedici spelen hierin een grote rol. Zij leveren zorg dichtbij huis tegen lage kosten.

 

Laag salaris 

"Een van de grote problemen zijn de tarieven die de zorgverleners betaald krijgen", zegt Theo van der Bom van het Paramedisch Platform Nederland. "Die zijn zo laag dat faillissementen dreigen, er geen medewerkers te krijgen zijn en het salaris heel laag is. Dat betekent dat er juist voor diegenen die de juiste zorg op de juiste plek willen realiseren, een hoge werkdruk ontstaat."

 

In juni is met de minister, zorgverzekeraars en patiëntenfederaties een akkoord op hoofdlijnen vastgesteld voor paramedische zorg. "Maar daarin staan geen concrete afspraken over de achterstanden die we hebben bij de tarieven", zegt Van der Bom. "We zijn in gesprek om dat te corrigeren, maar de nood is acuut. Vandaar deze demonstratie."

 
Schrijnend

Als directeur-bestuurder van de de beroepsvereniging voor ergotherapeuten krijgt Van der Bom te veel signalen dat het niet langer gaat. "Ergotherapeuten die stoppen met hun praktijk omdat ze het niet meer kunnen bolwerken. Die gaan werken in een revalidatie-instelling of ziekenhuis omdat ze dan een cao-loon krijgen. Dat is heel verdrietig, want dat zijn mensen met hart voor het vak."

 

Dit is volgens Van der Bom al een aantal jaar aan de gang. "Maar nu het wordt schrijnend. Het water staat ons aan de lippen. Want inmiddels is er een tekort aan ergotherapeuten en logopedisten. Het werk is nog wel aantrekkelijk, maar de beloning en omstandigheden zijn dat niet."

 
Weinig waardering

Het is in de ogen van de actievoerders noodzakelijk dat er kritisch gekeken wordt naar de omstandigheden waaronder de zorgverleners hun zorg moeten leveren. Zij ervaren veel werkdruk en te weinig waardering (lees: te lage tarieven). De besturen van de beroepsverenigingen voor oefentherapie, logopedie, diëtetiek en ergotherapie herkennen de zorgen van de actievoerders . Zij zijn op bestuurlijk niveau hard aan de slag met deze vraagstukken.

 

De actie ging voor af aan het Algemeen Overleg eerstelijnszorg. Tweede Kamerleden en m.n. de leden van de Vaste Commissie volksgezondheid waren uitgenodigd de manifestatie bij te wonen. Zij kregen een brief van de actievoerders overhandigd met daarin onderbouwd de problematiek. (Bron: NOS, 3 juli)

 

De overheid, zorgverzekeraars, patiëntenorganisaties en paramedische beroepsgroepen hebben bestuurlijke afspraken gemaakt voor de paramedische zorg. De afspraken vloeien voort uit de eerder gesloten hoofdlijnakkoorden. De bedoeling daarvan is dat de patiënt de juiste zorg op de juiste plek krijgt. Voor de uitvoering van de afspraken is in totaal €15 miljoen beschikbaar gesteld over een periode van 4 jaar (2019-2022).

 

Het akkoord werd medeondertekend door de leden van de federatie Paramedisch Platform Nederland (PPN) die ook betrokken waren bij het Hoofdlijnen akkoord 2017-2018, de beroepsverenigingen van Ergotherapeuten (EN), Diëtisten (NVD), Huidtherapeuten (NVH), Logopedisten (NVLF), Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM).

 

“Met dit akkoord zetten de PPN-partijen, samen met de andere ondertekenaars, een belangrijke stap om Juiste Zorg Op de Juiste Plek (JZOJP)vorm te geven. Zonder paramedische zorg kan JZOJP niet slagen. Met dit akkoord wordt ook gekeken naar de juiste voorwaarden om paramedici in staat te stellen hun belangrijke bijdrage te kunnen blijven leveren”, aldus Theo van der Bom (voorzitter PPN).

 

Bij de ondertekening zei minister Bruins voor medische zorg en sport over het werk van paramedici: “De paramedische zorgsector speelt een belangrijke rol bij het voorkomen van ziekte en als je klachten hebt, bij de behandeling daarvan. Uitgangspunt is: zorgen dat mensen kunnen functioneren in het dagelijks leven. Door gevolgen van ziekte te beperken en als het kan te verbeteren. Vaak zit er wel een diëtist, fysiotherapeut of logopedist in de buurt, dicht bij huis en laagdrempelig die hier een bijdrage aan kan leveren”.

 

Met de afspraken zetten partijen zich in voor het verder verbeteren van de kwaliteit, versterking van de organisatiegraad en het terugdringen van administratieve lasten. Er wordt een gezamenlijk kostenonderzoek uitgevoerd. Een ander aandachtspunt is verbetering van de informatie voor patiënten over beschikbaarheid, prijs en kwaliteit van de zorg en de ervaringen van andere patiënten. Een belangrijk aspect is ook het samen beslissen door patiënt en zorgverlener over de best passende zorg.

 

Goed nieuws: minister Bruins van VWS heeft afgelopen dinsdag een onderhandelaarsakkoord bereikt met de fysio-, ergo-, oefen- en huidtherapeuten, logopedisten, diëtisten, patiënten en zorgverzekeraars. Voor de uitvoering van de afspraken in het akkoord stelt VWS in totaal €15 miljoen beschikbaar voor de periode 2019-2022.

 

Het Paramedisch Platform Nederland (PPN), afgelopen dinsdag vertegenwoordigd door Theo van der Bom (EN) en  Viola Zegers (VvOCM), is hier blij mee en kijkt uit naar de ondertekening van het akkoord. PPN wil graag aan de slag met de uitvoering van de afspraken, onder andere met het kostprijsonderzoek en de uitvoering van de kennisagenda’s/ meerjarigonderzoeksprogramma paramedische zorg.

 

Lees het persbericht van VWS ‘Minister Bruno Bruins bereikt onderhandelaarsakkoord paramedische zorg’.

De Optometristen Vereniging Nederland (OVN) is op 1 april 2019 aangesloten bij het Paramedisch Platform Nederland (PPN). OVN heeft 1.250 leden.

 

PPN is blij met de komst van OVN, die daarmee de zesde beroepsvereniging binnen PPN is. Gabriëlle Janssen, voorzitter van OVN: “De OVN vindt het belangrijk dat door de bundeling van kennis en krachten van paramedische beroepen onze zorg van de verschillende disciplines zichtbaarder wordt bij stakeholders. Daarbij zijn wij slagvaardiger door samen te werken dan wanneer wij als individuele verenigingen in gesprek gaan met overheidsinstanties, zorgverzekeraars en cliëntenorganisaties over belangrijke thema’s die alle zes de verenigingen aangaan.”

 

Meer informatie over OVN vind je op www.optometrie.nl 

Paramedische beroepsgroepen verenigd in het Paramedisch Platform Nederland (PPN) zijn teleurgesteld over het vandaag verschenen rapport “Monitor Paramedische zorg” van de Nederlandse Zorgautoriteit met een overzicht van de ontwikkelingen 2012-2018. De NZa komt tot een aantal aanbevelingen om de verstoorde relatie tussen zorgverzekeraars en zorgverleners te herstellen, maar waagt zich niet aan het belangrijkste knelpunt: de hoogte van de tarieven die zorgverleners ontvangen.

 

Binnen de beroepsgroepen heerst grote onvrede over de wijze van contractering door de verzekeraars. Van onderhandelen zoals door de wetgever bedoeld, komt in de praktijk weinig terecht. Veel paramedici constateren dat zorgverzekeraars eenzijdig het tarief bepalen. Dat gemiddelde tarief is tot een kwart lager dan de NZa zelf jaren geleden als realistisch heeft aangegeven. In de tussentijd zijn werkdruk en administratieve lasten, naast alle kosten, alleen maar verder toegenomen.

 

Terecht constateert de NZa dat sprake is van wantrouwen bij zorgverleners in de richting van de verzekeraars. De NZa pleit voor het herstel daarvan, maar loopt met een boog om de belangrijkste oorzaak daarvan heen: de totstandkoming en de hoogte van de tarieven voor paramedische zorg. PPN is het met de NZa eens dat wederzijds vertrouwen cruciaal is voor de toekomst van de paramedische zorg in de eerste lijn. Weliswaar vraagt de NZa aandacht voor de problematiek van zorgaanbieders, maar neemt daarbij geen stelling in. De NZa volstaat met een aanbeveling dat partijen met elkaar op landelijk niveau afspraken moeten maken om de knelpunten op te lossen. PPN had gehoopt dat de NZa daar meer handreikingen toe had gedaan.

 

PPN kan zich vinden in het pleidooi aan het adres van zorgverleners om duidelijk inzicht te geven in de kwaliteit behandeling van patiënten, maar is het niet eens met de suggestie dat dit niet zou gebeuren. PPN is het eens met de analyse dat zorgverzekeraars meer moeten gaan inkopen op kwaliteit en meer inzicht dienen te geven in de opbouw van tarieven. Ook moet veel duidelijker zijn voor welk tarief een zorgaanbieder daarvoor in aanmerking kan komen. Kwaliteit heeft immers een prijs.

 

Helaas blijft de NZa weg van een verdere uitwerking.

Hoe vorm je een goed georganiseerd paramedisch netwerk dat kan fungeren als aanspreekpunt voor bijvoorbeeld verwijzers, zorgnetwerken, zorgverzekeraar en de gemeente? Hoe kan het netwerk bijdragen zodat verschillende disciplines tijdig bij zorgprocessen en samenwerkingsvraagstukken betrokken worden? En hoe stem je eerstelijns paramedische zorg constructief op elkaar af?

 

Ben je diëtist, ergotherapeut, logopedist, fysiotherapeut of oefentherapeut en geïnteresseerd om hier over mee te praten? Kom dan op 11 april naar de bijeenkomst!    

 

Aanleiding
In december 2018 kwamen na een eerste monodisciplinaire verkenning, twee afgevaardigden van diëtisten, ergotherapeuten, logopedisten, fysiotherapeuten en oefentherapeuten Cesar en Mensendieck als werkgroep bij elkaar. In de eerste verkenning werd het belang om patiënt centraal te werken benadrukt. De overtuiging is dat stevige paramedische samenwerking bij kan dragen aan betere (eerstelijns)zorg dicht bij huis tegen lagere kosten.

 

Om dit te bereiken is een bundeling van krachten in de vorm van een paramedisch netwerk gewenst. Een netwerk die een serieuze gesprekspartner kan zijn in bestaande en komende regionale samenwerkingsverbanden, aldus aanwezigen.

Ook werd geconcludeerd door de aanwezigen dat er nog veel nodig is om een aanspreekbaar netwerk te vormen in Rotterdam. Ideeën zijn er genoeg: meer contact en kennis delen met collega paramedische disciplines, goede samenwerkingsafspraken met gemeenten, duidelijke coördinatie van zorg, innovatieve preventieprojecten initiëren en een website met een ‘zorgkaart’ over/voor alle lijnen.  

 

Aan de slag 

Op 11 april wordt de verkenning voortgezet. Onder meer aan de hand van de volgende vragen. Hoe organiseren we samenwerking zonder te veel tijd en bureaucratie? Hoe betrekken we de achterban? Hoe ziet het kostenplaatje er uit? En hoe zit het met de substitutie ziekenhuis naar de eerste lijn? Waar kunnen we de lijnen verkorten?

 

Aanmelden voor deze verkenning kan via deze pagina.

Meer weten? Neem contact op met Caroline Zoon:  c.zoon@zorgimpuls.nl

Onder leiding van Gerlach Cerfontaine gaat de regiegroep (Ont)regel de Zorg ervoor zorgen dat professionals in de zorg zo snel mogelijk merken dat de regeldruk afneemt. De regiegroep, die bestaat uit alle zorgsectoren, verzekeraars en inspectie, is op initiatief van minister Bruno Bruins ontstaan en brengt de administratieve lasten terug.

 

Theo van der Bom, directeur-bestuurder van Ergotherapie Nederland en voorzitter van PPN, neemt namens PPN deel aan deze regiegroep. De beweging (Ont)regel de Zorg (ORDZ) bestaat uit verschillende partijen die betrokken zijn en zich inzetten inzake zorgadministratie en regels, met als doel administratieve druk bij zorgverleners te verminderen. Het doel hiermee is dat de zorgverlener meer aandacht heeft voor de cliënt.

 

Om ervoor te zorgen dat zorgverleners minder regels ervaren komt er een website waar overbodige regels geplaatst kunnen worden. Met een barometer wordt gemeten of de administratieve druk afneemt.

 

Voor meer informatie: https://www.ordz.nl/regiegroep-brengt-ontregel-de-zorg-verder/

Studeer je bijna af en wil je in de eerstelijn aan de slag? Kom dan naar de PPN-Startersdag op vrijdagavond 22 juni voor studenten en net afgestudeerden. 

 

‘Starten en samenwerken in de eerstelijn!’

Het Paramedisch Platform Nederland (PPN), organiseert in samenwerking met de VvAA, deze Startersdag gericht op ondernemen in de eerstelijnszorg én op onderlinge multidisciplinaire samenwerking. De federatie PPN is in 2015 opgericht door vijf paramedische beroepsverenigingen: EN (ergotherapeuten), NVD (diëtisten), NVH (huidtherapeuten), NVLF (logopedisten) en VvOCM (oefentherapeuten).

 

Wegwijs in de eerste lijn

Je maakt deze avond kennis met diverse aspecten van ondernemen in de eerstelijn. Via lezingen en workshops kom je te weten wat er in zo’n beginfase allemaal komt kijken op het gebied van administratie, contracten, wetgeving, financiën & juridische zaken, marketing & sociale media en registratie in het Kwaliteitsregister Paramedici. Daarnaast staat de multidisciplinaire samenwerking in de zorg centraal en hoe je dat kunt vormgeven vanuit een eigen praktijk.


Netwerken

PPN-Startersdag bied je een unieke kans om met collega’s van de andere disciplines te netwerken. Ook maak je kennis met je eigen beroepsvereniging.

 

Datum & tijd:

Vrijdag 22 juni 2018, van 16.00 tot 21.00, Thema: (bijna) afgestudeerd, en dan?!  Doelgroep: studenten en/of net afgestudeerd.

 

Programma:
Kijk hier voor het programma. 


Locatie:

VvAA, Orteliuslaan 750, 3528 BB in Utrecht.


Kosten:

Vrijdag 22 juni: € 25,- voor leden van de EN, NVD, NVH, NVLF en VvOCM, € 35,- voor niet leden
(prijzen zijn incl. catering en cursusmateriaal)

Aanmelden kan via de beroepsverenigingen. 

Nederlandse Vereniging van Diëtisten (NVD) www.nvdietist.nl/webwinkel 

Ergotherapie Nederland (EN) www.ergotherapie.nl 

Nederlandse Vereniging van huidtherapeuten (NVH) https://nvh.huidtherapie.nl/nvh-agenda

Nederlandse Vereniging voor Logopedie en Foniatrie (NVLF) www.nvlf.nl  

Vereniging van Oefentherapeuten Cesar en Mensendieck (VvOCM) www.vvocm.nl  

Op dit moment werken verschillende partijen vanuit het paramedische veld, aan voorbereidende activiteiten voor het opstellen van een onderzoeksprogramma voor Paramedische zorg. Zij doen dit met subsidie van ZonMw.

 

Wetenschappelijk onderzoek levert een belangrijke bijdrage aan de nodige kwaliteitsverbetering in de (para)medische zorg. Voor zorg die patiëntgericht is en waarbij de kwaliteit van leven voorop staat. Voordat ZonMw een mogelijk onderzoeksprogramma kan opstarten, is eerst een onderzoekskader nodig; een raamwerk met onderzoekslijnen en implementatievraagstukken.

 

De voorbereidende activiteiten bestaan uit:

-        opstellen van kennisagenda’s voor oefentherapie, logopedie, diëtetiek, ergotherapie, huidtherapie en podotherapie

-        in kaart brengen van de patient journey en de toegevoegde waarde

-        kennis ophalen uit bijeenkomsten

 

Het laatste nieuws leest u op www.zonmw.nl/paramedischezorg